PRESENTATIE VAN DE STAATSSCHULD
Ten aanzien van de binnenlandse staatsschuld wordt het onderscheid tussen het vaste en het vlottende deel van de schuld nog expliciet zichtbaar gemaakt. Dat gebeurt met de buitenlandse schuld al jaren niet meer. In officiële publicaties is het usance geworden de buitenlandse staatsschuld te presenteren naar een indeling van schuldeisers en schuldenaren. Enerzijds worden de schuldeisers gerubriceerd als 'multilateraal', 'bilateraal' of 'particulier', anderzijds worden de schuldenaren onderscheiden als 'overheid', 'parastatale instellingen onder staatsgarantie', 'particulieren onder staatsgarantie" en "particulieren onder garantie van de CBvS". De presen-tatie is meestal op basis van de gesloten overeenkomsten, soms daarnaast ook op basis van trekkingen.
Deze indeling vind ik niet zinvol voor het inzicht dat ik u vanavond tracht te geven in de omvang en de structuur van de staatsschuld. Daarom zal ik een andere indeling hanteren die niet de officiële is, maar één die beter aansluit op de gangbare begrippen. Ik zal u de buitenlandse staatsschuld voorschotelen als een samen-stel van 'onderhandse leningen', 'creditlines', 'claims', 'erkenning van particuliere schulden', 'staatsgaranties', 'committeringen' en 'schulden van de CBvS'.
DE CIJFERS VAN DE STAATSSCHULD
Ik doe nu de overstap naar het cijfermateriaal dat ik voor u verzameld heb. Nogmaals maak ik u erop attent dat de cijfers die ik u laat zien slechts een benadering geven van de werkelijke orde van grootte, maar bepaaldelijk niet pretenderen exact te zijn. Als bronnen van mijn cijfers baseer ik mij naast eigen research op: de Financiële Nota's 1998 en 1999, het Verslag 1997 van de Rekenkamer van Suriname, de monetaire tabellen en de maandbalansen van de CBvS, gegevens en publicaties van officiële instanties of autoriteiten.
Als uitgangspunt neem ik het overzicht van de staatsschuld dat minister Tjan Gobardhan van Financiën in maart van dit jaar tijdens de behandeling van de wijziging van de Leningenwet aan de assembléeleden heeft verstrekt. De minister zei toen dat dit overzicht de nieuwste gecorrigeerde cijfers bevat. De buitenlandse staatsschuld per 31 december 1997 bedroeg 165 miljoen dollar, de binnenlandse schuld (gedollariseerd?) 43,2 miljoen dollar, de totale staatsschuld dus 208,2 miljoen dollar. Ik heb dit totaalcijfer vastgehouden en ik presenteer u dezelfde cijfers, maar nu gegroepeerd in de andere opstelling (layout) die ik vanavond wil gebruiken. Het plaatje ziet er dan zo uit.
STAATSSCHULD 1997, samenvatting volgens overzicht Minister van Financiën (Tabel 1)
|
Omschrijving ______________________ Buitenlandse schuld Leningen Creditlines Claims Erkende particuliere schulden Staatsgaranties in valuta w.v. ingeroepen garanties Committeringen Totaal buitenlandse schuld Binnenlandse schuld Vlottend Voorschotten van CBvS en banken Leningen Pif's en grondaankopen Wisselkoersverliezen
Vast Leningen Staatsgaranties in Sf
Totaal binnenlandse schuld Totaal gezamenlijke verplichtingen |
Code ___ A B C D E F G
N O P Q
R S |
US dollars x 1.000 ___________________ 87.412,1 40.557,6 22.546,5 32.659,7 14.450,2 (14.450,2) 0,0 --------------- 197,626,1
0,0 916,3 0,0 0,0 --------------- 916,3 9.668,9 0,0 --------------- 9.668,9 --------------- 10.585,2 208.211,3 |
Sf x 1.000.000 __________________Omrekeningen tegen koers Sf 406
--------------- 80.236,2
0,0 372,0 0,0 0,0 ---------------- 372,0 3.925,6 0,0 ---------------- 3.925,6 ---------------- 4.297,6 84.533,8 |
De minister deed het voorkomen alsof zijn overzicht de effectieve staatsschuld weergaf, maar het was alles behalve volledig. In de eerste plaats moet worden opgemerkt dat voor het bepalen van de schuldpositie t.o.v. het plafond van de Leningenwet, de 'gesloten overeenkomsten' relevant zijn en niet de 'trekkingen'.
In het overzicht van de minister is de lening van 5,1 miljoen dollar bij de Islamitische Ontwikkelingsbank voor de bouw van poliklinieken in het binnenland opgenomen maar niet meegeteld in het totaal. Hetzelfde ziet men bij de lening van 37,5 miljoen dollar van Sunny Point Inv.Ltd. voor de bouw van volkswoningen. Voor deze twee leningen is dat bijelkaar dus 42,6 miljoen dollar, die niet bij de buitenlandse schuld is meegeteld.
Bij de binnenlandse schuld ontbreekt de lening van Sf 2,22 miljard bij de lokale algemene banken. Die lening was gesloten i.v.m. de conversie van een deel van de schuld aan Brazilië in een binnenlandse schuld. Aan de andere kant moet de lening die betrekking heeft op de geconsolideerde vlottende schuld uit de periode 1982-1993 niet worden meegeteld, omdat de Machtigingswet tot consolidatie van die schuld (S.B.1995 No.8) bepaald heeft dat die lening bóven het plafond gaat. Per eind 1997 bedroeg deze lening Sf 4,1 miljard.
Voor het bepalen van de totale schuldpositie ten opzichte van het plafond van de Leningenwet moet in elk geval de potentiële schuld ook worden meegerekend. En die bedroeg rond de Sf 57,0 miljard op basis van de initiële waarde der afgegeven staatsgaranties, daaronder begrepen 46,0 miljoen dollar voor Staatsolie's raffi-naderij en 138,0 miljoen Nederlandse guldens voor de bruggen over de Suriname- en de Coppenamerivier. Gesplitst naar buitenland en binnenland stond aan staatsgaranties -zonder aftrek van aflossingen- aan het buitenland uit, US 130,0 miljoen, d.i. Sf 52,7 miljard tegen de koers van Sf 406, en aan het binnenland Sf 4,3 miljard. De grootste binnenlandse garantie betrof de bekritiseerde geldcreatie van Sf 3,0 miljard eind 1996, toen onder het mom van een lening van CBvS aan Staatsolie een geldinjectie aan staatskas werd gegeven.
Maar met al deze aanpassingen zijn we er nog niet. Want de regering had z.g.produktie-investeringsfondsen ingesteld die met geleende en met inflatoir gecreëerde middelen zijn gevoed. Eind 1997 was hiermee een bedrag van Sf 8,3 miljard gemoeid. De regering heeft een stichting voor opkoop van gronden het levenslicht doen zien. Deze stichting is eveneens van inflatoire middelen voorzien tot Sf 5,9 miljard tegen eind 1997. Deze twee bedragen, samen Sf 14,2 miljard, behoren tot de binnenlandse staatsschuld.
De regering had met liquiditeitstekorten te kampen. De minister van financiën heeft die in eerste instantie opgevangen door in te teren op reserves die onder de vorige regering waren gevormd voor het voldoen van buitenlandse betalingsverplichtingen. Nadat deze reserves waren opgebruikt ging de minister samen met de leiding van de CBvS zijn boekje te buiten door, in afwijking van art.21 van de Bankwet, voorschotten bij de CBvS op te nemen die "onzichtbaar" werden gehouden op de gepubliceerde weekbalansen van de CBvS. Ik schat dat tegen eind 1997 al zo'n Sf 5,5 miljard aan "onzichtbare" voorschotten was opgenomen.
Maar er is nóg meer. Zo heeft de minister kans gezien de rekening-couranttegoeden aan te spreken die de lokale banken in het kader van hun bedrijfsvoering bij de CBvS aanhouden. Nog nooit eerder was zoiets gebeurd. Het totaalbedrag dat per eind 1997 uit de rekening-couranttegoeden van de algemene banken was getrokken schat ik op Sf 5,2 miljard. Hierin is begrepen de som van Sf 4,0 miljard voor salarissen van het overheidspersoneel waarvan het IMF in zijn rapport van maart d.j. melding had gemaakt.
Heb ik eerder al gewag gemaakt van een wisselkoersverlies van zo'n Sf 4,0 miljard, nu zeg ik u dat dit verlies behoort tot de staatsschuld omdat een oude olieschuld werd omgezet in een wisselkoersverlies.
De meeste posten die ik in deze alinea besproken heb, gaan schuil onder de post "Diverse rekeningen" aan de actiefzijde van de weekbalans van de CBvS. Die grote verzamelpost is gedeeltelijk voor u gedesaggregeerd.
Nadat al deze ongebruikelijke "phenomena" zijn verwerkt ziet de tabel per eind 1997 er zo uit:
STAATSSCHULD 1997 na bewerking overzicht Minister van Financiën (Tabel 2)
|
Omschrijving |
Code |
US dollars x 1.000 |
Sf x 1.000.000 Omrekeningen tegen koers Sf 406 |
|||||||||
|
Oorspronkelijk |
Bijgewerkt |
Oorspronkelijk |
Bijgewerkt |
|||||||||
|
Buitenlandse schuld Leningen Creditlines Claims Erkende particuliere schulden Staatsgaranties in valuta w.v. ingeroepen garanties Committeringen Totaal buitenlandse schuld Binnenlandse schuld Vlottend Voorschotten van CBvS en banken Leningen Pif's en grondaankopen Wisselkoersverliezen
Vast Leningen Staatsgaranties in Sf
Totaal binnenlandse schuld Totaal gezamenlijke verplichtingen |
A B C D E F G
N O P Q
R S |
87.412,1 40.557,6 22.546,5 32.659,7 14.450,2 (14.450,2) 0,0 ----------- 197,626,1
0,0 916,3 0,0 - ----------- 916,3 9.668,9 0,0 ----------- 9.668,9 --------------- 10.585,2 208.211,3 |
120.717,1 40.557,6 22.546,5 32.659,7 129.898,5 (14.450,2) 9.328,0 ----------- 355.707,4
- - - - ----------- - - - --------------- - --------------- - - |
----------- 80.236,2
0,0 372,0 0,0 - ----------- 372,0 3.925,6 0,0 --------------- 3.925,6 --------------- 4.297,6 84.533,8 |
----------- 144.417,2
10.691,2 2.222,9 14.196,9 4.042,0 ----------- 31.153,0 47,2 4.267,3 --------------- 4.314,5 --------------- 35.467,5 179.884.7 |
|||||||
Wat we hier zien is dat zelfs vóórdat de wetswijziging van de Leningenwet in behandeling werd genomen, het nieuwe plafond al was achterhaald. Het totaal van de gezamenlijke verplichtingen -Sf 180 miljard, afgezien van aflossingen op door staatsgaranties gewaarborgde schuld- lag hoger dan het nieuwe plafond dat Regering en parlement hebben ingesteld. Overtuigender bewijs van mijn openingsstatement, namelijk dat "niemand schijnt te weten hoe groot de staatsschuld werkelijk is", kan men niet wensen. Nadat de aanname van de wijziging van de Leningenwet en de begroting voor 1998 eenmaal een feit was, kreeg de minister een leenplafond van Sf 176,9 miljard (150% van 117,9) waarvan na reservering van de 10% voorschotfaciliteit bij de CBvS, er dus Sf 165,1 beschikbaar was voor andere financiële verplichtingen. En die ruimte, dames en heren, was al van meet af aan overschreden. Ik stap nu even over op de buitenlandse leningen door de CBvS.
Als de leningen van de CBvS niet tot de staatsschuld behoren, waar behoren ze dan wel toe? Kan de CBvS voor eigen rekening zulke grote buitenlandse leningen sluiten, en die vervolgens improduktief en onrendabel aanwenden zodat ze geen deviezen voor hun terugbetaling in het laatje brengen? Hoe kan de CBvS zoiets verantwoorden? Hadden IMF en IDB niet reeds waarschuwende geluiden laten horen? Per eind 1997 bedroegen de leningen die de CBvS had opgenomen 64,5 miljoen dollar, met een tegenwaarde van Sf 25,5 miljard (in dit geval tegen de koers Sf 396). Wat is er met dit geld gedaan? Voor US 51,5 miljoen van het geleende bedrag was monetair goud van ons land als onderpand verbonden. Daar is in 1998 nog eens US 12 miljoen bijgekomen, zodat -los van andere leningen van de CBvS- er momenteel voor 63,5 miljoen (51,5 + 12) dollar van ons monetair goud vast zit bij buitenlandse schuldeisers. Wie neemt zo'n beslissing om het goud, een dekkingsanker van ons geld, voor langere tijd in onderpand te geven? Kan dat zomaar? Zonder dat de geleende dollars de dekkingsrol overnemen? Wie beslist er over wat er met de geleende dollars gebeurt?
De minister had zich nogal laconiek van deze vragen afgemaakt. Tijdens de begrotingsbehandeling in de kleine uurtjes van de nacht had hij verklaard dat het "dood normaal" is dat er goud "geswapt" wordt. "Alle centrale banken doen dat", wierp de minister op gezag van zijn adviseurs verdedigend tegen. Dit, om zo de hele zaak rond het goud te bagatelliseren en zijn coalitiegenoten in de Assemblée gerust te stellen dat er niets bijzonders aan de hand was (de oppositieleden hadden de zaal verlaten). En inderdaad, als de transacties met het monetair goud gewone alledaagse swaps waren, dan was er geen vuiltje aan de lucht. De vraag is juist of die swaps wel zo "normaal" zijn als de minister beweert. Swaps zijn meestal van een korte looptijd. Het vermoeden dat het goud nu voor langere tijd vast zit heeft bij mij post gevat, omdat ik niet zie waar de CBvS op korte termijn de 63,5 miljoen dollars aan "vrije reserves" vandaan zal halen om de swap af te wikkelen. Ik baseer mij op het feit dat bij een "dood normale swap" de CBvS met de dollars over de brug moet komen om het goud weer vrij te krijgen. En ja ...., waar zijn die vrije dollars ....?
Het spreekt vanzelf dat het goud dat in onderpand gegeven is niet tegelijk als dekking van ons geld kan dienst doen. Ons monetair goud, voor 63,5 miljoen dollar aan opgenomen leningen als onderpand afgestaan aan buitenlandse schuldeisers, zou ruwweg voor Sf 25 miljard (tegen de koers van Sf 396) in de dekking van ons geld in omloop voorzien. Die dekking is momenteel weggevallen. Dit zal zo blijven totdat het goud weer kan worden ingelost uit de juridische macht van de schuldeisers. De dekkingsterugval wordt groter naarmate de wisselkoers gaat stijgen. Dat dát gaat gebeuren is heel goed verwachtbaar. Want Suriname heeft zich tegenover de IDB verplicht om als onderdeel van de voorwaarden voor de aangekondigde 30 miljoen dollarlening, de wisselkoers vrij te laten zweven.
Ondertussen prijkt het goud nog voor zijn volle dekkingswaarde op de weekbalans van de CBvS alsof het nog in het volle en vrije bezit van ons land is. Moet men in het algemeen op de juistheid van de cijfers van een centrale bank kunnen afgaan, voor wat ons monetair goud betreft geven de cijfers op de weekbalans van de CBvS een beeld dat apert afwijkt van de werkelijkheid.
Keer ik nu terug naar de omvang van de staatsschuld. In de veronderstelling dat hij onder het nieuwe plafond van de Leningenwet nog een zee van ruimte had om leningen aan te gaan, heeft de minister van financiën verschillende contracten getekend. Ik noem u de overeenkomsten met Spaanse banken ter waarde van 37,9 miljoen dollar voor aanschaf van 8 patrouilleboten en 2 vliegtuigen voor een kustwacht, tevens bewaking van onze visgronden. Ik noem u de overeenkomst van 2 miljoen dollar met de IDB voor technische bijstand. Ik noem u de lening van US 10 miljoen bij de Islamitische Ontwikkelingsbank voor het betalen van onze brandstofimportrekening voor enkele maanden. De minister heeft leningen getekend met twee buitenlandse banken, t.w. 10 miljoen dollar revolverend met de Hamilton Bank, Miami, en US 17 miljoen met de International Bank of Miami. Van deze laatste lening heeft er geen instroom van deviezen plaatsgevonden, terwijl de tegenwaarde van Sf 6,9 miljard wel gebruikt is om de hoge voorschottenschuld aan de lokale banken enigszins af te toppen. Deze lening was niets meer dan een dekmantel, een camouflage, voor het inflatoir scheppen van de Sf 6,9 miljard die als tegenwaarde in de economie is gepompt. Ik noem u een creditline van Amerika, PL-490, van 5 miljoen dollar voor de tarwe-import. Ik noem u verder de committering om aan SPGC een voorschot van 4 miljoen dollar te geven, evenals de committering om US 185.000 bij te dragen als Suriname's inbreng bij de recente Health Sector Reform loan van de IDB.
Naast al deze financiële transacties deed president Jules Wijdenbosch zelf ook een duit in het zakje door na zijn terugkeer van zijn staatsbezoek aan China te verklaren dat hij voor Suriname een lening van US 12,5 miljoen van dat land had gekregen. Alles bij elkaar een toename van de buitenlandse staatsschuld met 98,6 miljoen dollar. Opvallend is wel dat de minister de lening uit China van US 12,5 miljoen niet in zijn Financiële Nota 1999 heeft verwerkt. En een "ongelimiteerde" staatsgarantie die de minister in een 'side letter' zou hebben gegeven aan SPGC laat ik hier buiten beschouwing.
Wat de binnenlandse schuld betreft is de minister ook zeer actief geweest. Ik noem u een lening van Sf 3 miljard van De Surinaamsche Bank en een lening van Sf 2 miljard van de Surinaamse Postspaarbank. Beide leningen waren in feite ter consolidatie van een deel van de voorschotten die de minister voor de reguliere maandelijkse staatsuitgaven had opgenomen uit de rekening-couranttegoeden van de banken bij de CBvS.
Desondanks zijn de voorschotten van de banken medio 1998 gestegen tot zo'n Sf 8,6 miljard. Bij de CBvS liepen de "onzichtbare" voorschotten verder uit tot Sf 19,4 miljard. De produktie-investeringsfondsen gingen inflatoir gestadig omhoog naar Sf 9,4 miljard, zo ook de inflatoire middelen van de stichting voor de grond-aankopen die stegen tot Sf 12,7 miljard per medio 1998. Er werd voor zeker Sf 5 miljard aan nieuwe staats-garanties voor deze stichting afgegeven.
Nemen wij al deze transacties van 1998 ook in het overzicht op, dan stijgt het totaal van de gezamenlijke verplichtingen tot Sf 250 miljard. Tabel 3 brengt de nieuwe stand van de staatsschuld in beeld.
STAATSSCHULD 1997 - 1998 na bewerking overzicht Minister van Financiën (Tabel 3)
|
Omschrijving ______________________ Buitenlandse schuld Leningen Creditlines Claims Erkende particuliere schulden Staatsgaranties in valuta w.v. ingeroepen garanties Committeringen Totaal buitenlandse schuld Binnenlandse schuld Vlottend Voorschotten van CBvS en banken Leningen Pif's en grondaankopen Wisselkoersverliezen
Vast Leningen Staatsgaranties in Sf
Totaal binnenlandse schuld Totaal gezamenlijke verplichtingen |
Code ___
A B C D E F G
N O P Q
R S |
US dollars x 1.000 __________________
210.117,1 45.557,6 22.546,5 32.659,7 129.898,5 (14.450,2) 13.513,0 --------------- 454.292,4
- - - - --------------- - - - --------------- - --------------- - - |
Sf x 1.000.000 __________________Omrekeningen tegen koers Sf 406
--------------- 184.442,7
27.934,1 2,9 22.133,4 4.042,0 ---------------- 54.112,4 7.267,2 4.267,3 ---------------- 11.534,5 ---------------- 65.646,9 250.089,6 |
Als in aanmerking wordt genomen dat op basis van de middelenraming voor 1999 het plafond van de Leningenwet na goedkeuring van de begroting zal verschuiven naar Sf 205,5 miljard, terwijl er nu reeds Sf 250,0 miljard aan gezamenlijke verplichtingen op de Staat rust, dan rijst de vraag of de minister van financiën de euvele moed zal hebben de nieuwe leningovereenkomst van 30 miljoen dollar met de IDB te ondertekenen, zonder eerst voor een nieuwe wetswijziging bij het wetgevend college aan te kloppen. Intussen is ook bekend geworden dat er een nieuwe garantieovereenkomst van US 5 miljoen is goedgekeurd door de EIB ten behoeve van Staatsoliemaatschappij voor de financiering van de aanleg van een oliepijpleiding van Tout Lui Faut naar Paranam. Met de IDB-lening en de pijpleidinggarantie stijgt de totale schuldpositie van Sf 250,0 miljard naar Sf 264,3 miljard (489,3 miljoen dollar x koers 406 + Sf 65,6 miljard), d.i. al meer dan 190% van de geraamde middelen voor 1999. Na het vrij laten zweven van de wisselkoers zal het percentage in eerste instantie dramatisch stijgen, daarna langzameraan totdat er een kentering komt wanneer er weer wissel-koersstabiliteit zal zijn bereikt.
Wenden wij onze blikken weer tot de CBvS dan zien wij dat er behalve de 63,5 miljoen dollar waar ons monetair goud voor in onderpand is gegeven, er een tweetal leningen is gesloten bij twee Amerikaanse banken voor totaal 13 miljoen dollar. Als er daar bovenop ook onder de creditline van 4 miljoen dollar bij Venezuela getrokken is, dan komt de totale schuld van de CBvS op zo'n US 80,5 miljoen dollar. Behoort deze schuld nu tot de staatsschuld of niet? Ik weet het antwoord niet! Maar tot de buitenlandse schuld van ons land behoort ze zeer zeker wel. Wat in ieder geval kan worden geconcludeerd is dat de Staat en de CBvS samen een buitenlandse schuld hebben van zo'n US 535 miljoen, waarvan meer dan 400 miljoen dollar effectieve schuld is en 130 miljoen dollar potentiële schuld in de vorm van staatsgaranties. Hier moet de particuliere buitenlandse schuld nog aan worden toegevoegd om op de totale landelijke buitenlandse schuld te komen.
De lering die wij als land en als volk moeten trekken uit de hoge schuld is: "Lenen in het buitenland is voortaan alleen dán goed, als wij er gegarandeerd beter van worden in deviezenverdiensten." Een tweede geldig motief kan zijn: "behoud van kredietwaardigheid van ons land in het buitenland."
Voor andere motieven moet de leendrift onderdrukt worden.
DE STAATSSCHULD EN DE SCHULDENDIENST
Zoals wij hebben gezien zijn wij geconfronteerd met de aanwezigheid van een buitenlandse staatsschuld die, zo niet een excessieve dan toch wel een substantiële omvang heeft aangenomen, ruim boven de 60%-referentiewaarde voor de EU-landen krachtens het Verdrag van Maastricht. Het verzorgen van deze grote staatsschuld kan en mag niet langer slechts een deeltaak zijn van een stafafdeling op het ministerie van financiën. Daarvoor zijn de consequenties voor de kredietwaardigheid van ons land en zijn overheid te groot.
De uiterste zorg dient besteed te worden aan het up-to-date houden van de administratie van de staatsschuld en van de mutaties die zich daarin voltrekken De informatieverzorging over de staatsschuld moet voldoen aan de eisen van openheid, tijdigheid, volledigheid, betrouwbaarheid en vergelijkbaarheid. De staatsschuld moet in heldere begrippen worden geformuleerd. Bruto en netto staatsschuld, gemiddelde rentevoet, gemiddelde resterende looptijd, totale contractuele jaarlijkse aflossingen in relatie tot bijv. exportverdiensten e.d. zijn indicatieve gegevens die gepubliceerd moeten worden. Het inzicht dat zulke gegevens verschaffen is vooral bij onderhandelingen nodig.
Als we de huidige effectieve staatsschuld (d.i. de totale schuld minus de garanties) omslaan per capita, dan betekent het dat met 415.000 inwoners in Suriname, de schuld inmiddels is opgelopen tot ruim Sf 465.000 per inwoner, berekend tegen de wisselkoers van Sf 406 voor de US dollar.
Buiten de mogelijkheid van kwijtschelding is de enige manier om de staatsschuld naar omlaag te krijgen, het genereren van economische groei en het realiseren van begrotings- en betalingsbalansoverschotten. Dat betekent hard werken, produceren en tegelijk de buikriem strak aanhalen. Dat doet een volk alleen wanneer het sterk gemotiveerd is, wanneer het weet waarvoor het nodig is.Voor het budgettaire beleid, het monetaire- en het betalingsbalansbeleid zijn in dit verband bijzondere taken weggelegd. Het spreekt vanzelf dat alle betrokken beleidsaspecten terdege gecoördineerd, op dezelfde doelen dienen te worden gericht.
Ik pleit voor het lichten van de schuldendienst uit het takenpakket van de stafafdeling van financiën en ik doe hierbij de aanbeveling aan de autoriteiten om die werkzaamheid onder te brengen bij een speciaal daarvoor in het leven te roepen instituut voor de staatsschuld. Het moet een instituut worden dat belast is met alles wat de staatsschuld van Suriname betreft. Het moet met gekwalificeerd personeel worden bemand. Andere landen hebben ook zo'n lichaam. Nederland bijvoorbeeld kent zijn agentschap voor de staatsschuld. Het instituut zal bij ons een parastatale status moeten hebben. Het zal met een ruime mate van zelfstandigheid bekleed moeten worden, maar organisatorisch onder de minister van financiën ressorteren.
Er dient een strategie voor de staatsschuld inclusief de schuldendienst te worden ontwikkeld. Zo'n instituut kan daarbij goed dienstbaar zijn. Het instituut zal ook voorbereidend werk moeten verrichten voor wanneer de regering onderhandelingen wenst te voeren over herstructurering van schuld d.m.v. bijv. aanpassing van contracten en/of condities, herschikking van aflossingstermijnen, herfinanciering e.d. In de verdere toekomst valt misschien te denken aan negotiatie van schuld in secundaire markten.
De staatsschuld is geen statisch ding, ze is dynamisch, ze leeft. Als we de last van de staatsschuld ruim opvatten, d.w.z. met inbegrip van de rente, dan verandert ze met het wegtikken van de tijd. Ik heb nu ongeveer 12 uur tot u gesproken. Als we veronderstellen dat de gemiddelde rentevoet 8% p.a. zou zijn, dan is in de tijdsspanne van mijn betoog de effectieve staatsschuld met Sf 2,5 miljoen aangegroeid. Op weg naar huis, wanneer u later op de avond rustig slaapt, morgen enz., continue blijft de staatsschuld in beweging, blijft de rente aantikken. Laten wij dit goed beseffen. Dan zullen wij inzien dat niet zomaar gegrepen moet worden naar de eerste de beste leningsmogelijkheid die zich aandient, dan zullen wij inzien dat wat er geleend werd vroeg of laat terugbetaald moet worden met de bedongen rente daarover, dan zullen wij inzien dat de staatsschuld en de schuldendienst veel meer aandacht, zorg, vakkennis, discipline, accuratesse en controle vereisen dan ze tot nu toe in ons land gekregen hebben.
Ik hoop dat ik aan de verwachtingen van het JAPIN heb voldaan en ik dank het hoofdbestuur van de NPS voor de genoten gastvrijheid.
Ik dank u.